Op 12 juni 1817 reed Karl Drais van Mannheim naar het Schwetzinger Relaishaus op een houten toestel met twee wielen achter elkaar. Geen pedalen, geen ketting: je duwde jezelf af met je voeten. Ongeveer zeven kilometer, en hij was er sneller dan de postkoets.
Dat is het begin van de fiets, en de echte uitvinding zit niet in het wiel en niet in het frame. Ze zit in het evenwicht. Dit is de eerste keer dat iemand zich op twee wielen voortbeweegt en rechtop blijft, en zowat iedereen die het toen zag, vond dat onmogelijk.
Tot daar het harde deel. Nu de verklaring die er altijd bij verteld wordt, en die is bijna te schoon om waar te zijn.
In april 1815 barstte de Tambora uit, in wat nu Indonesië is. De grootste uitbarsting in eeuwen, genoeg as in de atmosfeer om Europa gemiddeld zo’n drie graden af te koelen. 1816 ging de boeken in als het jaar zonder zomer. Misoogsten, honger, haver die onbetaalbaar werd, en dus paarden die stierven of opgegeten werden. En daar, twee jaar later, zit een Badense ambtenaar een vervoermiddel te bedenken dat geen paard nodig heeft.
Een vulkaan die de fiets uitvindt. Je begrijpt waarom dat verhaal overal staat.
Het probleem is dat het een hypothese is. Ze komt van een Duitse fietshistoricus, Hans-Erhard Lessing, ze is pas in de late twintigste eeuw geformuleerd, en ze is zo vaak herhaald dat ze intussen als vaststaand feit op museumbordjes staat. Een andere Duitse onderzoeker, Jost Pietsch, betwist ze stevig: het krantenbericht uit Mannheim waar de hele redenering op steunt, ging volgens hem niet over gestorven paarden maar over een uitvoerverbod op graan. En van een volledige misoogst of een massale paardensterfte in 1816 is het bewijs volgens hem dun.
De Britse fietshistoricus Andrew Ritchie zegt het voorzichtiger, en misschien beter: voor zo’n verband tussen twee losse gebeurtenissen zou je veel meer bewijs nodig hebben dan er is.
Let op. Ik zeg hier niet dat het verhaal fout is, want dat weet ik niet. Ik zeg dat het niet beslecht is. Lessing is de gangbare verklaring, Pietsch is een felle kritiek op een eigen site en geen artikel met peer review, en niemand heeft het originele krantenbericht in dit dossier voor mij op tafel gelegd. Dat is een andere toestand dan waar of vals, en het is de eerlijke.
Wat wel opvalt als je bij Drais zelf gaat kijken: hij schrijft in zijn eigen aankondiging niet over klimaat of over honger. Hij schrijft over legerkoeriers, over gewonden vervoeren, over korte afstanden in oorlogstijd wanneer paarden en voeder schaars zijn. Dat is geen klimaatverhaal. Dat is een logistiek verhaal van iemand die een probleem ziet en er een ding voor maakt.
Misschien is dat de reden dat de vulkaanversie zo goed blijft plakken. Een uitvinding zonder oorzaak voelt als een ongeluk, en wij willen liever een oorzaak. Een vulkaan is nu eenmaal een betere oorzaak dan “iemand had een idee”.
Tip. De volgende keer dat je in een museum een bordje ziet met “X leidde tot Y”, probeer eens te achterhalen wie dat als eerste heeft opgeschreven. Vaak is dat een stuk recenter dan het ding zelf.
Hoe het met Drais afliep, hoort er trouwens bij. Hij kreeg in januari 1818 een privilege in Baden en werd eretitularis in de mechanica, maar hij gaf in 1849 zijn adellijke titel op uit sympathie voor de revolutie. Royalisten probeerden hem gek te laten verklaren, zijn pensioen werd aangeslagen om de kosten van diezelfde revolutie te dekken, en in 1851 stierf hij berooid in Karlsruhe. Zijn naam leeft voort in het woord draisine. Dat is alleen niet de fiets gaan betekenen, maar het karretje op het spoor.